Back

Onderaannemingsketens in het vizier van de EU

21/04/2026

International News

by Arnout Roosen Edward Carlier

Op 12 februari 2026 heeft het Europees Parlement een resolutie aangenomen over het aanpakken van onderaannemingsketens en de rol van tussenpersonen met het oog op de bescherming van de rechten van werknemers (2025/2133(INI)).

De resolutie wijst op groeiende bezorgdheid over lange en ondoorzichtige onderaannemingsketens en structuren van arbeidsbemiddeling die de werkgeversverantwoordelijkheid kunnen vervagen en in de praktijk uitbuiting kunnen vergemakkelijken — met name in grensoverschrijdende situaties. De focus ligt op zichtbaarheid, traceerbaarheid en verantwoordingsplicht in de volledige arbeidsketen, inclusief situaties waarin werk wordt georganiseerd via uitzendkantoren, onderaannemers, leveranciers, recruiters of andere tussenpersonen.

Wat ligt er op tafel?

  • Een EU-strategie ter bestrijding van arbeidsuitbuiting, met inbegrip van illegale arbeid en misbruik in onderaannemingsstructuren
  • Meer ruimte voor de lidstaten om lange en complexe onderaannemingsketens aan te pakken
  • Grotere transparantie en verantwoordingsplicht in de hele keten, met inbegrip van een duidelijkere aansprakelijkheid voor tussenpersonen
  • Een duidelijke stellingname tegen zogenaamde “financiële onderaanneming”
  • Strengere handhaving, met inbegrip van een versterkte rol voor de Europese Arbeidsautoriteit (ELA)

 

Indien dit wordt ingevoerd, zou de rol van de ELA verder gaan dan louter coördinatie — richting operationele handhaving, ondersteund door nauwere samenwerking tussen nationale autoriteiten.

Tegelijkertijd benadrukt het Parlement de noodzaak om het juiste evenwicht te vinden: hoofdelijke aansprakelijkheid als instrument ter bescherming van werknemers — zonder onnodige belemmeringen te creëren voor grensoverschrijdende activiteiten.

De resolutie legt ook de nadruk op belangrijke risicogebieden:

  • Frauduleuze detachering en brievenbusvennootschappen
  • Huisvestingsomstandigheden van gedetacheerde werknemers
  • Strengere sociale criteria bij overheidsopdrachten
  • Gezondheid en veiligheid in sectoren met een hoog risico, zoals de bouw

Impact

De resolutie wijzigt als dusdanig het EU‑recht niet. Zij verplicht de Commissie echter om binnen drie maanden te reageren — wat de weg kan vrijmaken voor Europese wetgevingsinitiatieven inzake arbeidsbescherming, handhaving en transparantie in de toeleveringsketen.

Kort samengevat?

Onderaannemingsketens worden op EU‑niveau steeds meer gezien als een kernuitdaging op het vlak van naleving en handhaving.

De resolutie is bijzonder relevant voor de uitzendsector, evenals voor aannemers en bedrijven die afhankelijk zijn van flexibele of uitbestede arbeidsmodellen. Toegenomen handhaving zal vermoedelijk leiden tot een strengere controle door arbeidsinspecties, niet alleen van illegale constructies, maar ook van legitieme intermediaire modellen en de manier waarop verantwoordelijkheden in de praktijk zijn georganiseerd.

Het komende debat zal zich dan ook niet beperken tot frauduleuze structuren. Het zal raken aan fundamentele vragen: wie als verantwoordelijk wordt beschouwd in complexe arbeidsketens, hoe detacheringsregels worden toegepast, hoe ver de bevoegdheden van de ELA kunnen reiken en hoe handhaving in evenwicht wordt gebracht met de vrijheid van dienstverlening.

Voor ondernemingen nemen de verwachtingen toe dat zij robuuste controles, doeltreffende verificaties en end‑to‑end traceerbaarheid over deze ketens heen kunnen aantonen.

Het Parlement heeft de politieke agenda bepaald. De verdere juridische verfijning zal nu afhangen van de keuzes van de Commissie.